Hoopbarometer 2019: Nederlanders iets positiever, maar niet over klimaat en economie

30-12-2019 - Rotterdam

De Nederlander is iets optimistischer over de toekomst ten opzichte van vorig jaar. Dat geldt vooral het leven in het algemeen en maatschappelijke voorzieningen zoals de zorg, onderwijs en veiligheid. Met name ons vertrouwen in financiële instellingen is in het afgelopen jaar toegenomen, maar er is ook een kleine maar significante toename voor vertrouwen in vreemden, het leger en politieke partijen. Dit blijkt uit de vierde meting met de Hoopbarometer door de aan de Erasmus Universiteit Rotterdam verbonden Erasmus Happiness Economics Research Organisation (EHERO) en het Institute for Leadership and Social Ethics (ILSE).

Uit deze vierde meting van de Hoopbarometer blijkt dat Nederlanders, net als eind 2018, matig hoopvol zijn en een 6,3 scoren. Begin 2018 stond de score nog op 6,1. Ten opzichte van eind 2018 zijn er wel een paar significante positieve veranderingen op deelgebieden opgetreden. Zo is de score op verwachtingen toegenomen van een 4,9 naar een 5,1. Ook is het vertrouwen van Nederlanders toegenomen van een 5,7 naar een 5,9. Deze veranderingen lijken wellicht klein, maar aangezien het om statistisch significante verschillen gaat, geeft dit wel aan dat als een geheel, de Nederlandse bevolking iets optimistischer is en wat meer vertrouwen heeft in de omgeving.

Toch ook kwart Nederlanders niet hoopvol
Ondanks relatief grote hoopvolheid, is er ook een aanzienlijke groep die niet hoopvol is; 27% van de Nederlanders scoort lager dan een 5,5 op de hoop-index. Dit zijn met name mensen van middelbare leeftijd, huishoudens met een laag inkomen, lager opgeleiden, mensen die vaak eenzaam zijn of een slechte gezondheid hebben. Hetzelfde geldt voor mensen die het gevoel hebben niet mee te kunnen komen met het maatschappelijk leven; de Nederlandse maatschappij onrechtvaardig vinden; zich gediscrimineerd voelen of door financiën beperkt worden

Weinig hoopvol? Weinig hulpvaardig
Andersom blijkt ook dat mensen die weinig hoopvol zijn, minder vaak bereid zijn om zich in te zetten voor een ander. Mensen die een onvoldoende scoren op de hoop-index vinden het minder vaak belangrijk anderen te helpen; zetten zich minder vaak in voor hun gemeenschap; doen minder vaak iets voor hun buren; recyclen minder; en zijn het vaker eens met de stelling “werken is slechts één manier om geld te verdienen”.

Nederland scoort internationaal goed
Vergeleken met andere landen scoort Nederland relatief goed; met name op vertrouwen scoren Nederlanders duidelijk hoger dan inwoners van bijvoorbeeld het VK, de VS of niet-westerse landen. Op deugdzame en spirituele hoop wordt daarentegen in andere landen hoger gescoord.

Hoop meten om gedrag te begrijpen
In de Hoopbarometer wordt hoop gedefinieerd als een verlangen naar verbetering, waarvoor we bereid zijn te handelen, maar waarvan we nooit helemaal zeker zijn dat we het kunnen bereiken. Juist deze onzekerheid onderscheidt hoop van optimisme, en maakt dat hoop een belangrijke drijfveer is: zolang we niet zeker weten of we zullen krijgen wat we willen, blijven we ons inzetten. Hoop is goed te meten, en voegt iets belangrijks toe aan bestaande indexen.

Onderzoek ‘Hoop voor de toekomst’
De meting voor de Hoopbarometer is in oktober 2019 uitgevoerd onder ruim 2000 Nederlanders, Britten, Amerikanen en inwoners van niet-westerse landen.

Meer informatie en/of interviewverzoeken
Het volledige rapport ‘Hoop voor de toekomst’ is te downloaden via hopebarometer.com

Tabellen, grafieken en cijfermateriaal zijn op aanvraag beschikbaar
Havana Orange
Rick van de Weg
06 557 202 91

Lees meerBekijk andere publicaties